Verhaal

Interview oud-deelnemer Post-hbo Specialist Talige Diversiteit

18 mei, 2026 7 Minuten Onderwijs, Academie

Wat heb je geleerd van de opleiding en kun je daarbij ook een specifiek moment of ervaring noemen die je heel erg bij is gebleven?

Wat ik voornamelijk geleerd heb, naast dat het superveel in de praktijk toegepast kan worden en eigenlijk elke bijeenkomst wel weer een koppeling naar de praktijk was, was ook wel dat we elke bijeenkomst wel weer een stukje theorie leerden. Al waren het niet de nieuwste inzichten door middel van artikelen of vakliteratuur of het boek waar we mee werkten ‘Talige bewust lesgeven’.

Ik heb me voornamelijk voor de opleiding aangemeld omdat ik gewoon meer wilde weten over de theorie en hoe je dan eigenlijk een vertaalslag kon maken naar de praktijk. En het voornaamste is denk ik ook wel het inzicht dat de moedertaal dus wel van wezenlijk belang is voor het kind. Dat cultureel sensitief responsief lesgeven heel belangrijk is, dus dat er iets van herkenning is voor het kind. En dan het eigenlijk niet zo moeilijk is om waar te maken in de klas. Heel veel leerkrachten denken van: ‘’Oh, dan krijgen we weer wat erbij’’, maar het begint al met simpele voorbeelden, zoals bijvoorbeeld goedemorgen in de moedertaal van het kind zeggen.

Dat vond ik dus heel mooi aan de opleiding. Het was zowel theoretisch, maar ook goed inzetbaar en praktisch te doen. Op de eigen werkvloer in de praktijk kon ik het direct laten zien, waardoor leerkrachten om mij heen ook inzagen dat het niet heel moeilijk is om toe te passen.

Als je kijkt naar de verschillende bijeenkomsten is er dan een specifieke bijeenkomst of voorbeeld wat je heel erg is bijgebleven. Iets waarvan je dacht: hier kan ik direct iets mee. Hier ben ik gelijk mee aan de slag gegaan.

We zijn gestart in januari. Het was eerst best wel veel theorie. Maar toen gingen we zo gaandeweg richting het nieuwe schooljaar, dus rond juni/juli. Toen wist ik welke klas ik kreeg. Ik kreeg een middenbouwklas met heel veel culturen en nationaliteiten en toen ben ik me wel gaan verdiepen. Op de website NT2 kan je bijvoorbeeld veel terugvinden over de achtergrond van een specifieke cultuur. Of is het kind gevlucht?

In de praktijk lopen leerkrachten eigenlijk tegen heel veel dingen onbewust aan. Mijn nieuwe groep 5 was dus eerst een groep 4 en die vielen continu uit op een bepaald onderdeel van taal. En mijn collega’s hadden daar nog geen koppeling gelegd dat het misschien wel te maken zou kunnen hebben met het feit dat er 60% van de klas meertalig is. En waar komt die meertaligheid dan vandaan? Nou, dat had ik helemaal in schema’s gezet. Een voorbeeld: 20% van de klas komt uit Syrië en die zijn gevlucht. En daar is de taal zo en zo opgebouwd en die slaan dus bepaalde lidwoorden over. Daar ben ik me dan heel erg in gaan verdiepen. Wat voor groep heb ik voor me? Waar komen ze vandaan? Hoe is hun taal opgebouwd? Wat is hun cultuur belangrijk?

Dat ben ik gaan presenteren aan mijn collega’s aan het begin van het schooljaar. En toen zag je wel meer de bewustwording bij collega’s. Het is in de basis belangrijk dat een kind zich gezien en erkend mag voelen. En dat je bijvoorbeeld hun taal zichtbaar maakt. Dat je van de kids zelf leert hoe je bijvoorbeeld goedemorgen uitspreekt.

Het begint eigenlijk al in de fase voor het lesgeven: wat voor groep heb ik voor me? Wat is de achtergrond van deze leerlingen? Hoe kan ik zorgen dat de kinderen zich geliefd voelen, zodat het ook tot leren kan komen?

Als je nu naar jezelf kijkt hoe je voorheen lesgaf en hoe je dat nu aanpakt. Wat ben je echt concreet anders gaan doen in de praktijk? Je gaf bijvoorbeeld al aan om goedemorgen in de moedertaal te zeggen, maar heb je ook nog andere voorbeelden?

Ja, zeker. Toen ik mijn klas in kaart ging brengen zag ik dat er 3 Poolse kinderen in de klas kwamen en twee Syrische leerlingen en zo nog wat meer culturen en talen. Toen ben ik deze kinderen gaan koppelen aan elkaar. Bij mij op school was helemaal nog niet de afspraak dat we de moedertaal ergens een plek zouden geven. Maar uit de theorie blijkt dat het voor kinderen fijn is om in hun eigen moedertaal bijvoorbeeld voorkennis op te halen. Dus wat ik dan deed, als ik een bepaalde les start koppelde ik de leerlingen aan hun taalmaatje om het eerst in de eigen taal met elkaar te bespreken. Wat weet je eigenlijk hier al van? Want die taalsystemen hangen in hun hersenen ook samen. In eerste instantie denken en spreken zij het liefst in hun eigen taal. Belangrijk is dat de terugkoppeling vervolgens dan wel in het Nederlands wordt gegeven door de kinderen, zodat ze direct de koppeling hebben met de Nederlandse taal.

Waar het voorheen vaak was van: ‘’hier op school praten we alleen Nederlands’’, merk je in de theorie dat dit veel gevoeliger ligt. Het is heel belangrijk voor kinderen dat ook hun eigen taal een plaats krijgt.

Wat je ook veel ziet is dat veel ouders van kinderen voornamelijk hun eigen taal spreken en (bijna) niet de Nederlandse taal beheersen. Hierdoor durven ze ook minder snel naar school te komen, wat voor de leerlingen natuurlijk wel heel waardevol is.
Zo proberen we ook ouders te stimuleren om naar zogenoemde koffie-ochtenden te komen met ook meerdere meertalige ouders. Of ze te laten voorlezen in hun eigen taal, ze tijdens inloopochtenden spelletjes te laten doen. Dan doet de juf het bijvoorbeeld eerst voor en dat zij het vervolgens met hun kind nadoen. Zo betrek je ze meer bij het leerproces met laagdrempelige activiteiten en kan je werken aan de band tussen ouder, kind en school. Dat ben ik door deze opleiding ook wel echt anders gaan doen dan voorheen.

En hoe merk je in de praktijk dat dit écht iets voor de kinderen doet? Wat merk je aan hoe ze leren en hoe ze zich bijvoorbeeld gedragen in de klas?

Ja, om een klein voorbeeld te noemen, mijn assortiment in de bibliotheek. De boeken die kinderen mogen lezen. Tien jaar geleden stond er nog geen Engels boek tussen, maar voor de Nederlandse kinderen is het nu ook heel normaal dat er Engelse boeken tussen staan. Maar dit proberen we natuurlijk ook te doen voor de meertalige kinderen.

In het begin van het jaar ben ik gestart met een prentenboekenserie over emoties. Daar heb ik heel bewust ook Syrische prentenboeken bij gepakt, Arabische prentenboeken en prentenboeken voor andere culturele achtergronden. De kinderen vonden dit echt fantastisch. Ze voelde zich welkom en kregen ook meer respect voor elkaars taal. Elke keer mocht één van de kinderen dit dan voordragen in zijn of haar eigen moedertaal en dan gaf ik de vertaling in het Nederlands.

Maar ook gingen we talen met elkaar vergelijken tijdens lessen woordenschat. Dan nam ik bijvoorbeeld een paar Poolse kinderen apart en gingen we kijken hoe bepaalde worden werden uitgesproken en geschreven in de moedertaal. Vervolgens vergeleken we dit met de Nederlandse taal en keken we of er overeenkomsten. Je merkt dat de kinderen zich dan echt erkend voelen en dat het leren ook met veel meer plezier gaat.

Je gaf eerder ook aan dat je collega’s ook wel echt daarin helpt en dat je ook merkt dat je hen kan helpen in de praktijk. Merk je dat collega’s nu ook sneller naar jou toekomen met specifieke voorbeelden en casussen, omdat jij de opleiding hebt gevolgd?

Ja, eigenlijk iedere studiedag komt het thema wel terug. Dan deel ik korts iets over het onderwerp talige diversiteit en kom ik ook met een praktijkopdracht en vertel ik hoe dat in de praktijk zelf uitvoer. Maar ook laat ik dan dingen zien die ik zelf heb ontwikkeld voor mijn lessen.

Wat ik ook zo fijn vindt aan de opleiding is dat je het niet alleen voor jezelf, maar eigenlijk echt in dienst van de school doet. Alle opdrachten kun je koppelen naar je eigen school of eigen klas. Dit ben ik dan ook gaan delen met het team. Het thema talige diversiteit stond bij ons op de school ook hoor op de agenda, dus je merkte dat er ook wel veel draagvlak was.

En merk je dan aan jezelf ook nu met het lesgeven dat je het makkelijk vindt en dat je meer gemotiveerd bent in het lesgeven doordat je deze opleiding hebt gevolgd?

Ja, zeker! Het is ook allemaal heel actueel. Want we zien ook gewoon dat de samenstelling op scholen en in klassen verandert en daar moeten we als school en als leerkracht ook echt at mee. Dus dat heeft me zeker, zowel in de praktijk als in mijn eigen rol als leerkracht, wel versterkt.

Je hebt de opleiding zelf nu al een tijd geleden afgerond. Het nieuwe schooljaar komt er weer aan en dan gaat weer een enthousiaste groep leerkrachten starten met de post-hbo opleiding. Stel dat er nog mensen zijn die twijfelen waarom ze de opleiding moeten volgen, waarom zou je deze opleiding dan aan hun aanraden?

Allereerst is het heel goed te combineren met je dagelijkse werk. Ook zijn de opdrachten gerelateerd met het werkveld. Dus je hebt voldoende mogelijkheid om wat je leert direct uit te voeren in praktijk. Je kan er bijna altijd vrijwel direct mee aan de slag, zonder dat je eerst de hele opleiding afgerond moet hebben.

Zo maak je gelijk kleine stapjes binnen jouw klas en school en zie je ook snel verandering in je manier van lesgeven en handelen. Dat is voor mij heel waardevol geweest.